Hoe meer beweging, hoe minder dementie

Dagelijks matig intensief bewegen beschermt niet alleen tegen hart- en vaatziekten en kanker. Beweging verlaagt ook het risico op dementie aanzienlijk.

Naar de verwachting van Alzheimer Europa verdubbelt het aantal Europeanen met Alzheimer of een andere vorm van dementie de komende dertig jaar tot 18,8 miljoen patiënten. Voor Nederland betekent dat een half miljoen patiënten. Gezien de nu al schaarse personele bezetting van verpleegtehuizen en het dalende geboortecijfer, een zorgelijke trend.

Hoogleraar geriatrie aan het Radboudumc in Nijmegen, bekritiseerde op nos.nl de uitgangspunten van de prognose. ‘De studie neemt niets mee over ons zorgsysteem en onze leefstijl en de verschillen daarin met andere landen, terwijl dat een grote rol kan spelen’, zei hij op nos.nl. Een epidemiologische studie, vorige week gepubliceerd in de European Journal of Neurology, geeft een indruk van het effect dat leefstijl op het dementierisico kan hebben.

Tot zestig procent lager risico

Onderzoekers gingen van ruim 200.000 Thaise mannen en vrouwen ouder dan vijftig jaar na hoeveel van hen in de periode 2006 tot 2012 dement werden. Van deze groep werden leefstijlfactoren als suiker, zout en alcoholconsumptie en beweging in kaart gebracht. Evenals de risicofactoren: leeftijd, obesitas, roken, hoge bloeddruk en diabetes.

Weinig verrassend kwam leeftijd als grootste risico uit de bus. Deelnemers in de leeftijdsgroep van 75 tot 90 jaar hadden tien keer meer kans dement te worden dan deelnemers tussen vijftig en zestig jaar. Het grootse risico hadden de 80 tot 84-jarigen. Daarna neemt het risico af: negentigplussers hadden nog maar zeven keer meer kans dement te worden in vergelijking tot vijftigers.

Opmerkelijker was dat het beschermende effect van beweging nog net wat groter bleek dan het risico dat diabetes met zich mee bracht. Diabetes verhoogde het risico gemiddeld met 51 procent, fysieke training bleek effectiever naarmate het vaker gebeurde. Vergeleken met de niet-bewegers hadden mensen die drie tot vijf keer per week sportten, gemiddeld een 37 procent lager risico. Elke dag sportief bewegen verlaagde het risico zelfs met 59 procent.

Thailand versus Nederland

Epidemiologisch onderzoek toont verbanden, maar daar moet je altijd bij bedenken dat dit type onderzoek niet geschikt is om harde conclusies te trekken. Op het punt van geaccepteerde risicofactoren als roken, alcohol, obesitas en suiker toont deze studie bijvoorbeeld geen of alleen zwakke verbanden.

Daar komt bij dat de Thaise bevolking en samenleving op veel punten wezenlijk verschillen van de Nederlandse. Wat betreft levensverwachting verschilt het Aziatische land niet eens zo veel van Nederland. Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie WHO worden Thai gemiddeld zeven jaar minder oud dan Nederlanders (75 om 82 jaar). Het is goed voorstelbaar dat mensen die in een ontwikkelingsland oud worden, een veel sterkere gezondheid nodig hebben dan in Westerse landen.

Dat in het Thaise onderzoek slechts 480 mensen met dementie gediagnosticeerd werden, doet vermoeden dat lang niet alle gevallen herkend zijn en/of voortijdig overleden. De onderzoekers hanteren het begrip ‘incidentie ratio’, het aantal gevallen per duizend mensjaren. In dit onderzoek waren er ongeveer 2.500 ‘mensjaren’ nodig voor één patiënt. In Nederland komt deze ratio, ruw geschat, veertig keer hoger uit. Dat alles laat onverlet dat het verband met beweging in dit onderzoek erg sterk is en ook sterker wordt naarmate er meer bewogen wordt.

Hoe het brein van beweging profiteert

Er zijn verschillende werkingsmechanismes die het aannemelijk maken dat beweging ook het risico op dementie doet afnemen. Zo draagt dagelijkse fysieke inspanning bij aan normalisatie van de bloeddruk, bloedsuiker en het gewicht. Allemaal factoren die de kans op overgewicht, diabetes, hart- en vaatziekten en ook kanker beïnvloeden. Aandoeningen waarvan wordt aangenomen dat ze ook negatief uitwerken op de hersengezondheid.

Daarbij levert experimenteel onderzoek nieuwe aanwijzingen dat beweging ook een directe positieve bedrage levert. Zo verscheen vorige week een artikel in Journal of Alzheimer’s over het effect van aerobische oefeningen bij ouderen met een vergroot risico op dementie. Scans toonden na een jaar een verbeterde bloedtoevoer naar twee hersengebieden die een belangrijke rol spelen bij het geheugen. Uit tests bleek dat de deelnemers bovendien daadwerkelijk beter scoorden op geheugentests.

Een week eerder verscheen een soortgelijk onderzoek in vakblad Neurology, waarbij de proefpersonen al na zes maanden aerobics beter scoorden op een aantal cognitieve functies. De deelnemers waren bij aanvang gemiddeld 66, gezond en deden al iets aan sport. Ook hier namen de onderzoekers een betere doorbloeding van het brein waar en betere resultaten op geheugen- en concentratietests.

‘Onze studie toont dat zes maanden stevig oefenen, bloed naar hersengebieden kan pompen die in staat zijn zowel je verbale vaardigheden als je geheugen en mentale scherpte te verbeteren’, zegt mede-auteur Marc Poulin. Op den duur komen we er allemaal achter dat we bij het verouderen ook mentaal zwakker worden, maar: ‘Zelfs als je op latere leeftijd een oefenprogramma start, zou het voordeel voor je brein wel eens immens kunnen zijn.’

Beeld: “Step Aerobics” by SandiaLabs is licensed under CC BY-NC-ND 2.0

0
<< Terug