Hormoonverstoorder bedreigt ons steeds meer

Hormoonverstoorder bedreigt ons steeds meer
ma, 01/04/2019 - 12:32
Door: jvklinken
0 reacties

"We zien een heleboel ziektes toenemen en dat zijn allemaal ziektes met een hormonale achtergrond. Denk aan obesitas, diabetes maar ook kanker."

Professor Majorie van Duursen, hoogleraar Toxicologie aan de Vrije Universiteit, maakt zich zorgen over deze ontwikkeling. "Zoals we nu bezig zijn gaan we de verkeerde kant op", zegt zij.

Ze zijn overal: chemische stoffen die invloed hebben op onze hormonen. Bijvoorbeeld in plastic verpakkingen, in blikjes, in vloerbedekkingen en elektronica. We krijgen ze ongemerkt binnen en daar kunnen ze schade aanrichten met onvruchtbaarheid en ziektes als kanker, obesitas en diabetes tot gevolg.

Bisfenol A mag niet meer; de industrie stapt dan over op Bisfenol S

Verontrustend is dat het aantal risicovolle stoffen waaraan we blootgesteld worden, toeneemt. Een zo’n stof is BPA (Bisfenol A). "Daar is zoveel onderzoek naar gedaan, dat is echt een hormoonverstorende stof," tekent Van Duursen aan.

Door maatschappelijke druk is er een verbod gekomen op het gebruik van deze stof, met name in producten voor hele kleine kinderen. Er zijn genoeg babyproducten met het logo BPA Free (vrij van Bisfenol A). Maar daarmee is het probleem niet opgelost. De industrie gaat dan een andere stof gebruiken, bijvoorbeeld Bisfenol S, dat mogelijk net zo schadelijk is. Er zijn namelijk heel veel verschillende hormoonverstorende stoffen. Als er één verboden wordt, gebruiken fabrikanten vaak een andere stof die net zo schadelijk kan zijn maar door een heel klein verschil een andere naam heeft en wél is toegestaan.

Effecten zie je pas op langere termijn

Voor Van Duursen is de tijd aangebroken om de noodklok te luiden. "Het probleem is dat het voor de industrie vrij gemakkelijk is om toestemming te krijgen voor het gebruik van zo’n stof, met een soort invullijstje. Voor wetenschappers is het echter heel moeilijk om te bewijzen dat zo’n stof gevaarlijk is."

Daar speelt de lobby van de industrie ook wel op in, geeft Van Duursen aan. Pas als je echt kan bewijzen dat iets schadelijk is, kan het van de markt worden gehaald. Maar omdat het wetenschappelijke proces traag is, loopt beleid ook achter de industrie aan. 

"De effecten zijn subtiel. Het is niet zo gemakkelijk aan te tonen want de effecten zie je pas op de lange termijn; de ziektes komen pas later. Met name als je tijdens de ontwikkeling in de baarmoeder wordt blootgesteld dan wordt je lijf gewoon helemaal anders...."

Beeld: nl.wikipedia.nl