Rode wijn stapje voor stapje in de ban

Rode wijn stapje voor stapje in de ban
vr, 26/09/2014 - 11:49
Door: jvklinken
0 reacties

Rode wijn is niet gezond. Dat wordt steeds duidelijker. De Volkskrant zocht uit hoe we ons maar al te graag een gezond glaasje rode wijn lieten aanpraten en berichtte daar zaterdag 20 september over.

Het moment waarop rode wijn een wonderdrank werd, is heel precies aan te wijzen. Op zondagavond 17 november 1991 keken ruim 20 miljoen Amerikanen naar het befaamde programma 60 Minutes over 'de Franse paradox'. Hoe kan het dat de Fransen zelden aan hart- en vaatziekten overlijden, terwijl hun dieet barst van de verzadigde (lees: verkeerde) vetten? 'Het antwoord', zei de presentator, terwijl hij de rode wijn in zijn glas liet rondwalsen, 'kan weleens in deze verleidelijke drank zitten. Rode wijn.'
 

Gevaarlijk goedje 

Tot dan toe werd wijn, in elk geval in de VS, gezien als een potentieel gevaarlijk goedje waarvan steeds minder werd verkocht. Grote multinationals als Nestlé en Coca-Cola verkochten hun belangen in Californische wijngaarden. De uitzending over de Franse paradox maakte alles anders. In vier weken tijd sprong de verkoop van rode wijn in de VS met 44 procent omhoog. Iets lekkers dat tóch gezond was! De Amerikanen snakten naar zo'n troostende boodschap als tegenwicht voor de opkomende gezondheidsrage met al z'n geboden en verboden.

Leverziekten
Wat de blijde boodschap extra vleugels had gegeven, analyseerde het Texaanse wijninstituut een paar jaar later, was dat de brengers van het goede nieuws geen wijnboeren waren of anderszins belanghebbenden, maar onafhankelijke wetenschappers in het raamwerk van een betrouwbaar tv-programma. De traditionele toost 'op je gezondheid' kreeg opeens een diepere betekenis. Ook al had de wetenschap geen idee waarom rode wijn bescherming bood tegen hart- en vaatziekten. Dat Fransen veel vaker aan leverziekten dood gingen, werd in de roes van het moment even helemaal vergeten.
Wageningen
Ook in Nederland nam de populariteit van rode wijn toen, zo vervolgt de Volkskrant. Er was zelfs al vastgesteld welk ingrediënt van rode wijn vermoedelijk een heilzame versnapering maakte: alcohol.
De grote gangmaker op dit terrein was de Wageningse hoogleraar voeding Ruud Hermus, later directeur van het TNO-instituut Toxicologie en Voeding in Zeist. Hij rekende als een van de eersten af met het idee dat alcohol schadelijk en ongezond was en dus ontmoedigd moest worden.
Fles wijn
De Amsterdamse hoogleraar voeding Jaap Seidell van de Vrije Universiteit herinnert zich dat Hermus 'een halve tot een fles wijn wel ongeveer het verstandigst vond'. 'En er waren toen nog niet zoveel voedingsprofessoren, dat maakte dat er goed naar hem werd geluisterd', aldus Seidell.
Leefstijl
De overtuiging dat alcohol gezond was en rode wijn dus ook, baseerde Hermus - en vele andere voedingsdeskundigen na hem - op epidemiologisch onderzoek. Dat betekent dat de leefstijl van honderden, soms duizenden deelnemers in kaart wordt gebracht om na pakweg tien of twintig jaar te kijken wie is overleden en waaraan en wie welke ziekten heeft ontwikkeld. Steevast komen de matige drinkers als overwinnaars uit de bus: ze leven het langst en ze lijden minder vaak aan hart- en vaatziekten dan niet-drinkers en overmatige drinkers. De meest plausibele biologische verklaring tot nu toe is dat alcohol het 'goede' cholesterol verhoogt en het 'slechte' verlaagt. Ook zou alcohol de kans op bloedstolseltjes verkleinen.
Wijndrinkers
Het grootste en beroemdste onderzoek uit die tijd naar de relatie tussen alcohol en gezondheid heet de Copenhagen City Heart Study. Van maar liefst 13 duizend Deense mannen en vrouwen werd tussen 1976 en 1988 bijgehouden wat ze dronken en wat hun kans was op hart- en vaatziekten en overlijden. De wedstrijd werd met kop en schouders gewonnen door de (matige) wijndrinkers. Ze leefden langer en gezonder dan niet-drinkers en overmatige drinkers, en langer dan de bier- of whiskyliefhebbers.
Het positieve effect werd toegeschreven aan de flavonoïden, een groep anti-oxidanten in onder meer uien, thee, groente, fruit en wijn. De wetenschap had hoge verwachtingen van het geneeskrachtige en levensverlengende effect van deze stofjes, die schadelijke zuurstofradicalen uit het bloed wegvangen. Deze hoog reactieve zuurstofatomen gaan zo gretig reacties aan, dat ze daarbij weefsels kunnen beschadigen.

Knauw

Maar het inzicht schreed voort. Een aantal wetenschappers, onder wie de Britse biomedicus Gerald Shaper, besloot eind jaren negentig eens te kijken wie die niet-drinkers waren die slechter af waren dan de matige drinkers. Niet-drinkers bleken vaak mensen met een alcoholisch verleden en mensen met een zwakke gezondheid, die om die reden het glas lieten staan. Als voor dit verschijnsel wordt gecorrigeerd - en dat gebeurt tegenwoordig standaard - blijven matige drinkers meestal alsnog in het voordeel. Maar de betrouwbaarheid van het epidemiologisch onderzoek heeft wel een knauw gekregen.
 

Kassabonnetjes

Dat gebeurde opnieuw in 2006 toen de Deense hoogleraar in alcoholonderzoek, Morten Grönbaek, de kassabonnetjes van zijn proefpersonen ging verzamelen. Grönbaek verbaasde zich er namelijk over dat het drinken van wijn meer bescherming bood tegen overlijden en hartproblemen dan andere spiritualiën. De kassabonnen lieten zien dat wijndrinkers vaker gezonde waar als olijven en kaas met een laag vet percentage kochten.
Conlusie: wijndrinkers zijn hoger opgeleid, ze wonen in betere buurten en ze drinken vooral bij het eten. Allemaal zaken waarvoor onderzoeksuitkomsten wel gecorrigeerd worden, maar dat vergroot niet de nauwkeurigheid.
Juist nadelig
Als klap op de vuurpijl presenteerden Britse en Amerikaanse onderzoekers afgelopen zomer in het vooraanstaande British Medical Journal opnieuw sterke aanwijzingen dat zelfs het drinken van kleine hoeveelheden alcohol niet voordelig, maar juist nadelig is voor hart en bloedvaten. Eén glas wijn of andere alcoholische drank per week vergrootte de kans op hart- en vaatziekten al meetbaar, lieten ze zien door 56 eerdere studies met in totaal meer dan een kwart miljoen mensen door te vlooien. 'Het ziet er naar uit dat zelfs de gezondheid van lichte drinkers erbij gebaat is als ze nog minder gaan drinken', zei de onderzoeksleider en Britse epidemioloog Juan Casas tegen de Britse krant The Independent.
Slimme truc
Worden de meeste onderzoeken vertekend doordat wijn drinkende deelnemers rijker zijn en toch al gezonder leven; met een slimme truc besloten Casas en collega's dat te omzeilen. Ze richtten zich speciaal op het smaldeel dat vanwege een genetische aanleg niet goed tegen drank kan - en dus ook vanzelf minder drinkt. En wat bleek: de groep had ongeveer tien procent minder kans op hart- en vaatziekten en beroerte, een gezondere bloeddruk en een gezonder gewicht dat mensen die wel gewoon alcohol kunnen drinken.
Toevalstreffer?
De Wageningse hoogleraar Sander Kersten is onder de indruk, ook al is het nog maar één onderzoek en dus mogelijk een toevalstreffer. Hij hoopt dat deze studie snel wordt gerepliceerd, want het is volgens hem hoog tijd voor een wake-upcall. Ook voedingsexperts als Martijn Katan en Jaap Seidell van de VU vinden het hoog tijd dat na de fabel over de rode wijn ook het alcoholsprookje verdampt.
Onprettig
'Het is een heel onprettige boodschap', verontschuldigt Seidell zich beleefd. 'Maar in de discussies wordt vaak vergeten dat alle alcohol de bloeddruk verhoogt en de kans vergroot op verschillende kankers - denk aan lever-, mond- , keel- en slokdarmkanker. Alcohol draagt bovendien bij aan ongeveer 4 procent van de borstkankers. Elk glas vergroot de kans op borstkanker. Er is geen veilige ondergrens.'
Klein beetje
Dat alcohol gezond is, zul je ook TNO anno 2014 niet horen zeggen. Daarvoor leidt alcohol te vaak tot problemen. TNO-expert Henk Hendriks houdt erop dat een klein beetje alcohol - mits niet in pieken geconsumeerd - 'geen kwaad kan en in een gezonde levensstijl past'.

Wordt vervolgd, aldus de Volkskrant.