Blijheid en geluk stralen van het gezicht af in de vorm van een glimlach. Experimenteel onderzoek suggereert dat het andersom ook kan werken: bewust glimlachen als truc om je iets gelukkiger te voelen. Aan de andere kant, mensen die voor hun werk verplicht glimlachen worden daar niet gelukkiger van. Amerikaanse onderzoekers ontwierpen een experiment dat het effect van de opgelegde glimlach onder verschillende omstandigheden vergeleek.
Nicolas Coles is professor psychologie aan de universiteit van Florida (VS). Zijn naam staat onder een aantal van de studies die toonden dat bewust glimlachen je een tikkeltje gelukkiger doet voelen. Maar zijn persoonlijke ervaring zit hem in de weg. ‘Vroeger werkte ik op de klantenservice van een niet nader te noemen pretpark in Florida. Ik werd daadwerkelijk gerapporteerd voor mijn onvermogen te blijven glimlachen tijdens het werk’, vertelt hij lachend op de website van zijn universiteit.
Om deze tegenstrijdige ervaringen in een experiment te benaderen, wierven Coles en zijn team 1.174 volwassen vrouwen en mannen aan. Op een beeldscherm kregen ze vrolijke en nare beelden te zien. Bij de beelden van bloemen, kittens, diefstal en dierenmishandeling moesten ze ofwel verplicht glimlachen of reageren zoals ze wilden.
Daarbij kreeg de helft van de proefpersonen te horen dat ze een deel van hun vergoeding voor deelname aan het onderzoek konden verliezen als ze zich niet aan de instructies hielden. Dit om het effect te simuleren van werknemers die klanten moeten toelachen. En om een idee te krijgen welke invloed het repeterende karakter heeft, deed een deel de oefening eenmalig en een ander deel tien keer.
Sceptisch
Glimlachen in een negatieve context leverde hogere rapportages van geluk op in vergelijking tot de natuurlijke gezichtsuitdrukking, meldden de onderzoekers in Journal of Experimental Social Psycology – samenvatting. Bij herhaling van de opdracht nam dit effect echter sterk af en bij de dreiging van inkomensverlies was de positieve invloed van de opgelegde glimlach nog ‘vrijwel nihil’. In een positieve context sloeg het effect van glimlachen bij herhaling en dreigend inkomensverlies zelfs om naar een lager gerapporteerd geluksgevoel.
‘Alles bij elkaar genomen suggereren de resultaten dat geposeerd glimlachen afhankelijk van de omstandigheden de stemming kan oppeppen of dempen – een potentiële bron van zowel geluk als misère’, concluderen de auteurs.
Nicolas Coles betoont zich op de website van zijn universiteit sceptisch over de waarde van de neplach. Zeker als daar commerciële bedoelingen achter schuilgaan. Hij sluit zich aan bij de kritiek op de leiding van Target, een winkelketen die het persoon recent verplichte bezoekers toe te lachen als ze binnen een bepaalde afstand komen. Volgens Coles tast dergelijk beleid de emotionele autonomie aan. Ook die van klanten, omdat ze gedwongen worden op de gespeelde vriendelijkheid te reageren.
Na jaren van geluksonderzoek vraagt Coles zich ook hardop af of mensen niet beter af zouden zijn als ze minder energie staken in het verbeteren van de hun stemming. ‘Als samenleving hebben we een immense nadruk gelegd op proberen gelukkiger te worden, veel minder op gewoon blij zijn met wat we al hebben.’
Depressie en botox
Het fenomeen dat je gezichtsuitdrukking je brein beïnvloedt staat in de wetenschap bekend als facial feedback hypothese. Ofwel het gezichts-terugkoppelingseffect. Dat effect wordt ook waargenomen bij depressie. Meerdere klinische studies onderzochten of injecties met botulinetoxine bij depressie helpt. Botulinetoxine – bekend onder de merknaam botox – strijkt rimpels rond de ogen glad door bepaalde aangezichtsspieren tijdelijk te verlammen. Met als gevolg dat allerlei gezichtsuitdrukkingen die bij een negatieve stemming horen niet meer mogelijk zijn. Zoals de wenkbrauwen fronsen.
In 2019 publiceerden Coles en collega’s een kritische review en meta-analyse van klinische studies naar dit onderwerp. Deze concludeert dat ‘het vertrouwen in botulinetoxine als behandeling tegen depressie prematuur’ is. Als overweging voeren de auteurs onder meer aan dat de effecten ‘uitzonderlijk groot’ zijn en dat 96 procent van de ‘effectgroottes’ afkomstig zijn van studies die zijn uitgevoerd door wetenschappers met conflicterende belangen.
Twee jaar later publiceerde een andere onderzoeksgroep op basis van hetzelfde bewijs een meta-analyse die tot een tegenovergestelde conclusie komt: ‘Ondanks methodologische beperkingen, benadrukken de resultaten van deze studie de effectiviteit van botox bij de behandeling van depressie en plaveit daarom de weg voor het gebruik ervan in de psychiatrie.’
Een conclusie die bij menigeen de wenkbrauwen doet fronsen, schrijft Coles in de brief aan de hoofdredacteur. Aangezien deze brief deels achter een betaalmuur zit, is niet duidelijk of zijn argumentatie ook ingaat op mogelijke belangenconflicten achter de meta-analyse. Dat zou mogen want drie van de zeven auteurs ervan hebben banden met producenten van botulinetoxine. En een vierde houdt een patent voor het gebruik van botox bij de behandeling van depressie.
Beeld: Pexels
MMV maakt wekelijks een selectie uit het nieuws over voeding en leefstijl in relatie tot kanker en andere medische condities.
Inschrijven nieuwsbrief
