12 tips voor bereiden en bewaren van groenten

Tijdens het bewaren gaan veel vitaminen verloren. Kies voor verse groenten en fruit als het enigszins kan en gebruik ze zo snel mogelijk na aankoop. Moet je toch bewaren, dan is het de kunst om dat in de best mogelijke omstandigheden te doen. Deze tips en nog veel andere zijn afkomstig van het Vlaamse weblog Knack.

  • Als je niet aan bewaren ontkomt: Bladgroenten (zoals sla, andijvie, spinazie), koolsoorten, prei en voorgesneden groenten leg je in de koelkast.
  • Vruchtgroenten (tomaat, komkommer en paprika) en wintergroenten (wortel, knolselder, ui) bewaar je op een koele, droge en donkere plek.
  • Invriezen is een prima manier om groenten te bewaren en heeft weinig effect op de vitamines die erin zitten. Vries groenten zo groot mogelijk in, dus in ongesneden of ongepureerde vorm. Ontdooien leidt wél tot vitamineverlies. Je doet diepgevroren groenten het best meteen in het kookwater, zonder ze eerst te ontdooien.

Wassen en snijden

  • Spoel je groenten zo kort mogelijk voor je ze gaat bereiden en gebruik zo weinig mogelijk water. 's Avonds alvast de groenten schoonmaken of de aardappelen schillen voor de volgende dag? Geen goed idee. Zo wordt voor blokjes aardappel die bewaard worden in water al na een uur een verlies aan vitamine C van dertien procent gemeten. Na zes uur loopt dat verlies op tot 45 procent.
  • Voor rauwe peulvruchten is weken in water wél een aanrader. Je verkort zo de kooktijd en beperkt het vitamineverlies.
  • Hak je groenten en aardappelen liever niet in kleine stukjes. Ze worden wel sneller gaar, maar door de blootstelling aan lucht, licht en kookvocht gaan veel vitaminen verloren. Het in stukken snijden van een wortel zorgt er bijvoorbeeld voor dat die 25 procent meer voedingsstoffen verliest tijdens het koken dan een hele wortel. Je kunt je groenten dus beter wat grover snijden en pas na het koken in kleine stukjes verdelen. Zeker vermijden: groenten versnijden en vervolgens een tijd laten liggen.
  • Voorgesneden (soep)groenten en fruit bevatten minder vitamines dan wanneer je ze zelf snijdt.
  • Was je fruit pas vlak voor je het opeet. Als je gesneden fruit niet meteen opeet (denk aan fruitsla), houd er dan rekening mee dat het vitaminegehalte fors achteruitgaat. En omdat in de schil ook vitaminen zitten, maar vooral veel vezels en antioxidanten, is ongeschild (maar wel gewassen) fruit gezonder.

Koken en bereiden

  • Bij het koken verdwijnen kostbare vitaminen in het kookvocht. Gebruik daarom zo weinig mogelijk water. Je groenten hoeven echt niet helemaal onder water te staan. Kook ze in een paar centimeter water en doe een deksel op de pot; je zult zien dat ze perfect gaar worden. Of doe je groenten pas in het water als het kookt in plaats van ze in koud water op te zetten. Bladgroenten (denk aan spinazie) verliezen zelf al zoveel vocht dat ze zelfs geen water nodig hebben.
  • Kook niet langer dan nodig is en laat je groenten zeker niet nog een tijd in het kookvocht staan om ze warm te houden. Gebruik het kookvocht (inclusief vitaminen) als basis voor een sausje of soep.
  • Stomen heeft de voorkeur boven koken inzake vitaminebehoud. Wokken is ook een gezonde optie, als je tenminste niet te veel vetstof gebruikt.
  • Eet je maaltijd meteen na het koken op. Een kliekje dat de volgende dag wordt opgewarmd, bevat sowieso veel minder voedingsstoffen.

Beeld: the kithen.com

<< Terug