Het oerhormoon vitamine D is betrokken bij de regulatie van meer dan 200 genen. De werking is sterk pleiotroop, wat wil zeggen dat het meerdere biologische processen in het lichaam aanstuurt. Tekorten kunnen gemakkelijk ontstaan en zijn met een pilletje even gemakkelijk op te lossen. Daardoor leent vitamine D zich uitstekend voor klinisch onderzoek. Deze week zagen verscheidende nieuwe studies het licht.
Dankzij de ontdekking, meer dan honderd jaar geleden, dat een tekort rachitis (‘de Engelse ziekte’) veroorzaakt, is de rol van vitamine D in de botstofwisseling uitputtend onderzocht. Observationele studies hadden eind vorige eeuw uitwezen dat lage inname van vitamine D en calcium ook samenhangt met botverlies, vallen en botbreuken. Sindsdien zijn er veel klinische onderzoeken uitgevoerd naar het effect van calcium- en/of vitamine D-suppletie.
Vallen en fracturen
Aanvankelijk wezen de resultaten op een gunstig effect, schrijven Canadese onderzoekers in the British Medical Journal. Als gevolg waarvan suppletie nagenoeg gemeengoed werd. Later onderzoek temperde dat optimisme flink. ‘Hoewel recente systematische reviews de consensus bereikten dat calcium of vitamine D geen voordeel oplevert bij de preventie van botbreuken, blijft er onzekerheid over het effect van alleen vitamine D bij vallen en het voordeel van combineerde suppletie.’
Aangezien er de laatste jaren verschillende goed uitgevoerde klinische studies, met bij elkaar ruim 54duizend deelnemers zijn bijgekomen, was het tijd voor een geactualiseerde systematische review en meta-analyse. Deze analyse van 69 studies met 154duizend deelnemers verandert weinig aan de stand van zaken.
Alleen calcium gaf een 9 procent lager risico op botbreuken maar dat resultaat was statistisch net niet significant. Vitamine D alleen maakte geen verschil. En in combinatie was er een 9 procent lager risico dat wél binnen de grenzen van statistisch betrouwbaarheid valt.
Voor het risico op valpartijen lagen de verhoudingen ongeveer gelijk, rapporteren de auteurs die concluderen: ‘Afgaand op de afname van het absolute risico en op drempelwaarden voor wat als klinisch relevant wordt aangenomen, vond deze review weinig tot geen voordelen voor de suppletie van calcium, vitamine D of de combinatie ervan voor de preventie van fracturen en vallen.’
Vitamine K in botbalans
Vitamine K zou het magere effect van calcium en vitamine D kunnen aandikken. In ‘Vitamines D en K: innig met elkaar verweven’, legt Frits Muskiet in relatief eenvoudige bewoordingen uit hoe vitamine D de opname van calcium uit de darm bevordert en vitamine K zorgt dat deze op de juiste plaatsen terecht komt. In een stuk ingewikkelder bewoordingen doen Canadese onderzoekers in Bone Research verslag van hun experimenten die een nieuwe biologische routes blootlegt waarlangs vitamine K de balans in botweefsel handhaaft.
Tegen die achtergrond is het goed te weten dat groene bladgroenten boordevol vitamine K zitten. Australische wetenschappers, berichtte MMV in 2021, observeerden in een cohort oudere vrouwen Perth en omgeving een 39 procent lager risico op botbreuken en een 49 procent lager risico op heupfracturen onder de deelnemers die grootste hoeveelheid vitamine K uit hun voeding kregen.
Wat doet extra vitamine D met de serumwaarden, het prestatievermogen en de witte bloedcellen van gezonde recreatieve hardlopers en gezonde niet-lopers, wilde Spaanse onderzoekers weten. Daartoe selecteerden 45 jonge deelnemers die ze in vier groepen verdeelden. De helft van hen kreeg vanaf oktober acht weken lang dagelijks 2.000 IE vitamine D (50 microgram).
Uiteraard steeg onder de gesuppleerde hardlopers en niet-hardlopers de vitamine D-spiegel duidelijk. Terwijl deze bij de niet gesuppleerde deelnemers daalde. Maar dat maakte geen verschil voor de spierkracht en zuurstofopname van de wel en niet gesuppleerde hardlopers. Wat de gesuppleerde hardlopers en niet-lopers gemeen hadden, was een effect op leukocyten en neutrofielen dat de onderzoekers in Scientific Reports een ‘indicatie voor een stabieler immuunprofiel noemen’.
Een opvallende bevinding was dat de hardlopers die geen vitamine D kregen, na acht weken bloedwaarden hadden die overeen kwamen met niet-lopers die wel hadden gelikt. De onderzoekers maken daaruit op dat buiten sporten ook in de winter zorgt voor extra aanmaak van vitamine D. Maar dit effect is ten minste voor een deel ook het gevolg van het sporten zelf, zoals MMV vorig jaar berichtte.
Beeld: Freepik
MMV maakt wekelijks een selectie uit het nieuws over voeding en leefstijl in relatie tot kanker en andere medische condities.
Inschrijven nieuwsbrief
