Koud douchen, baden of zelfs ijsbaden: een selecte groep bikkels zweert er bij. Er zijn aanwijzingen dat tijdelijke blootstelling aan koude het immuunsysteem een oppepper(tje) geeft. Maar hoe zit het met vermoeide spieren, zijn die gebaat bij koude? Sporters ervaren het als ontspannend en nuttig tegen spierpijn. Britse onderzoekers matten een groep gezonde vrijwilligers fysiek af en gingen na wat het effect was van kou, warmte of geen van beide.
No pain no gain, is het adagium in de sportschool. Dat klopt voor zover het normale spierpijn betreft na een work out. Hoe dat zo? Als de spierbelasting hoog genoeg is, ontstaan er microscopisch kleine scheurtjes in de spiervezels. Het lichaam herstelt de opgelopen schade en doet daar nog een schepje bovenop. Met als gevolg dat de belaste spiergroepen iets sterker uit de strijd komen.
Voor het zover is laten de tijdelijke schade en de bijbehorende micro-ontstekingen zich voelen als spierpijn. Als gevolg van de bijkomende zwelling is de rek er letterlijk even uit. De bewegingsuitslag van de gewrichten is kleiner en de spierkracht is beperkt. Zolang dat aan hand is, kun je het maar beter kalm aan doen. Niet alleen voor sporters die betere prestaties najagen is een spoedig herstel dus gewenst, iedereen die zich voor zijn of haar gezondheid inspant wil snel weer veilig aan de bak kunnen.
Sport- en bewegingswetenschappers van universiteit van East London ontwierpen een experiment om uit te vinden welke temperatuur daar het beste bij helpt. Daartoe zetten ze veertig jong volwassen mannen en vrouwen – gezond en goed getraind – dusdanig aan het werk dat daar gegarandeerd spierpijn aan zouden overhouden. ‘Een spier-beschadigende training’, noemen ze het in Journal of Thermal Biology. Dat bleek ook uit de spierkracht die de deelnemers na afloop van de training konden opbrengen; die was ongeveer 36 procent kleiner.
Daarna namen tien proefpersonen 30 minuten een heet bad van 42 graden Celsius en tien andere deelnemers dompelden zich 15 minuten onder in een koud (9 graden) bad. Weer tien anderen herstelden een half uur in warme lucht van 30 graden en de controlegroep van tien personen rustte op kamertemperatuur uit.
Voor de spierpijn maakt het geen verschil maar…
Uit de vele metingen die de onderzoekers voor, tijdens, direct na en de daaropvolgende drie dagen namen, bleek dat geen van de behandelingen tot een duidelijk beter herstel had geleid. Drie dagen na de training hadden de deelnemers uit alle vier de groepen weliswaar minder, maar nog altijd spierpijn. Wel was verschil meetbaar in de kracht die hun gemolesteerde spiergroepen konden opbrengen. Na drie dagen zaten de warmtegroepen en de controlegroep nog elf procent onder het vermogen van voor de training, terwijl de koudewatergroep op min achttien procent bleef steken.
Onder de oppervlakte deden zich nog meer reacties voor waaruit je een voorkeur voor warmte mag afleiden. In het bloed van de deelnemers in de warmtegroep zat meer van het ‘hitte schok proteïne 72 (HSP72), dat te maken heeft met beschermings – reparatieprocessen in spiercellen. Daarnaast was een biomarker voor spierschade (creatine kinase-MM) in de warmwatergroep na twee dagen terug op het uitgangsniveau. Deelnemers in warmelucht- en controlegroep hadden daar drie dagen voor nodig en in de koudwatergroep was deze biomarker ook na drie dagen nog verhoogd.
Dan was er nog het ontstekingseiwit IL-6. Dat liep het hoogste op in de heetwatergroep maar was na 24 uur ook weer het hardst gedaald. ‘Deze bevindingen suggereren dat op hitte gebaseerde strategieën fysiologische processen kunnen ondersteunen die bij herstel betrokken zijn’, concluderen de onderzoekers.
De resultaten van de Britse wetenschappers sluiten aan bij wat deze publicatie ‘de koud water onderdompeling herstel-adaptatieparadox’ noemen. Een koud bad heeft een acute pijnstillende en rustgevende werking, maar blijkt op termijn ongunstig voor het opbouwen van spierkracht.
Fysieke inspanning en kanker
Conditie- en krachttraining is ook voor en na kanker van belang. Een nieuwe publicatie in Nature Reviews Clinical Oncology – samenvatting – vat het bestaande bewijs samen en wijst in welke richting toekomstige studie het moeten zoeken.
Observationeel onderzoek linkt fysieke inspanning aan een lager risico op kanker. De schaarse interventiestudies met patiënten wijzen duidelijk in de richting van een overlevingsvoordeel.
Voor progressievrije overleving zijn er twee adequaat uitgevoerde fase 3-studie. Een daarvan (CHALLENGE-studie, darmkanker) liet ook daar een duidelijk voordeel zien, de andere (ECHO-studie, eierstokkanker) niet.
Wat betreft tumorrespons op chemo- en immuuntherapie, zijn er nog geen voldoende grote studies die laten zien dat ‘gestructureerde oefening’ deze verbetert. ‘Het enige statistisch significante signaal, pathologische complete respons in de LEAN-studie, kwam van een te kleine (‘underpowered’) subgroepanalyse van een gecombineerde beweeg- en voedingsinterventie.’
Wetenschappers die op zoek zijn naar exacte dosis-responsrelaties van fysieke inspanning voor specifieke toepassingen hebben weinig aan zo’n combinatie. Voor patiënten daarentegen onderstreept dit juist het belang van beweging en gezonde voeding samen.
Lees ook: Wat baden in koud water oplevert
Gestructureerde beweging levensverlengend na kanker
Beeld: Pexels
MMV maakt wekelijks een selectie uit het nieuws over voeding en leefstijl in relatie tot kanker en andere medische condities.
Inschrijven nieuwsbrief
