Wanneer is het voorbij?

De zon schijnt, coronabesmettingen dalen en iedereen kruipt tevoorschijn uit zijn bubbel. We gaan weer naar het park, restaurant en museum, en de eerste voorzichtige knuffels worden genoten. We gaan open, letterlijk en figuurlijk. Wat heerlijk, terug naar normaal, er komt een einde aan een lange periode van afzondering en relatief isolement.  Zou het echt het einde zijn?

Is corona voorbij? Ik vertrouw er nog niet op. Zeurende berichten over nieuwe varianten trekken mijn aandacht. Ik bereid me innerlijk voor dat de openheid slechts tijdelijk is, en dat we in het najaar gewoon weer allemaal beeldbellend achter het beeldscherm kruipen. Gewoon! Gewoon beeldbellen! Twee jaar geleden had ik je voor gek verklaard als je had gezegd dat ik dat ‘gewoon’ zou zijn gaan vinden. En nu is het zo.  Zo snel went een nieuwe werkelijkheid.

Zo ben ik het ook gewoon gaan vinden dat mijn arm een beetje pijn doet als het warmer weer is. het ontbreken van lymfeklieren eist zijn tol. Ik vind het ook gewoon om elk half jaar een prik in mijn been te laten zetten tegen de botontkalking. Dat herinnert me er aan wat een troep die medicijnen toch ook zijn. Ze houden tumoren tegen en breken je botten af. Toen ik mijn eerste vaccinatie ging halen werd ik in drie minuten tijd met alle hoogtepunten uit mijn ziekteproces geconfronteerd. Heeft u borstkanker gehad? Ja. trombose? Ja. Allergische reactie? Ja. En nee, links mag je niet prikken, daar heb ik geen lymfeklieren, rechts had ik die trombose, en in mijn linkerbeen kreeg ik vorige week die prik tegen de botontkalking. Dan was er gelukkig nog een rechterbeen over. Het overspoelde me ter plekke, de ziekenhuis herinneringen. Gelukkig trof ik een lieve en adequate dokter, die me meetroonde naar een hokje achteraf en hoogstpersoonlijk de prik ging zetten. Een beetje extra aandacht was precies was ik nodig had.

Maar goed, ik dwaal af. Ik had het over wat je gewoon gaat vinden in de confrontatie met iets ongewoons. Langzaam sluip je het nieuwe normaal binnen. En ik had  het erover dat ik nog een beetje terughoudend ben, met de gedachte dat corona voorbij zou zijn.

‘Ik zal niet meer zo gauw denken dat iets voorbij of klaar is’

Wat vraag ik me eigenlijk af, als ik me afvraag of corona voorbij is? Wat zou er dan eigenlijk voorbij zijn? Sommige dingen zullen blijven, gewenst of ongewenst. Ik zou het fijn vinden als we in de supermarkt gewoon volhouden om een galante afstand te bewaren. En zomaar weer met jan en alleman drie zoenen uitwisselen hoeft van mij geloof ik ook niet weer terug te komen. Knuffelen met dierbaren wel! Concerten en tentoonstellingen ook. Beeldbellen mag eigenlijk wel blijven, en afstand kunnen houden in de trein al helemaal! Eigenlijk gaat dat allemaal niet over corona, maar over de maatregelen. De gevolgen ervan. En als ik me dat realiseer, dan snap ik ook opeens waar die terughoudendheid vandaan komt. Ik zal niet zo gauw meer denken dat iets voorbij of klaar is. Ik kreeg ooit een keer borstkanker en tegen de tijd dat ik dacht dat die periode voorbij was, kreeg ik het nog een keer. Andere borst, andere variant. Het kan verkeren.  Ben je net weer opgekrabbeld, word je van achteren pootje gehaakt, zo voelde dat. Bovendien heb ik geleerd, dat voorbij een erg relatief begrip is, juist omdàt je nooit meer terug gaat naar hoe het was. Je bent ‘gewoon’ in een nieuwe werkelijkheid beland. Het nieuwe normaal is here to stay. En we gaan met z’n allen ontdekken wat dat zal betekenen. Als ik het zo bekijk, word ik eigenlijk best nieuwsgierig! Maar van de gedachte dat het nieuwe normaal betekent dat we af en aan in een lockdown moeten zitten, word ik uitermate treurig. Dus ik hoop, ik hoop, dat corona voorbij zal zijn. of ik nou weet wat dat betekent of niet.

<< Terug