Boosheid maakt bevattelijk voor misinformatie

Wetenschappers keken gelijktijdig in de hersenen van converserende proefpersonen. Het beeld verschilde fundamenteel, afhankelijk van of deze het met elkaar eens of oneens waren. Ander onderzoek toonde dat boze proefpersonen bevattelijker waren voor misinformatie.

Om met het laatste te beginnen, dat onderzoek verscheen afgelopen mei in vakblad Experimental Psychology en is alleen als samenvatting vrij beschikbaar. De waargenomen vatbaarheid voor misinformatie baseren de auteurs op een experiment met 79 proefpersonen. Zij kregen in verschillende gemoedstoestanden een acht minuten durende filmscène te zien.

Daarna werd hen op subtiele wijze relevante en niet-relevante misinformatie voorgelegd. Een onverwachte ‘source monitoring’ test registreerde in hoeverre de misinformatie als zodanig werd herkend en aan welke bron de proefpersonen de informatie toeschreven.

Boosheid bleek niet van invloed op de nauwkeurigheid waarin werkelijk gebeurde details herkend  werden en aan welke bron deze toegeschreven werden. Maar wel op de acceptatie van valse details. Die nam toe. Desondanks hadden ‘boze’ proefpersonen meer vertrouwen in de nauwkeurigheid van hun ‘brontoeschrijving’. Ook de snelheid waarmee niet-correcte oordelen geveld werden nam met de boosheid toe.

Fotografisch geheugen bestaat niet

Of iemand informatie werkelijk heeft waargenomen of ten onrechte gelóóft te hebben waargenomen, is in rechtszaken van groot belang. In de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw belandden talloze onschuldige mensen in de cel op basis van ‘gesuggereerde herinneringen’ van kinderen. Sindsdien nam het geheugenonderzoek een grote vlucht.

Inmiddels is algemeen bekend dat ook het geheugen van volwassenen vatbaar voor suggestie is. Neurologen en psychologen hebben het geloof in het bestaan van zoiets als een fotografisch geheugen bovendien massaal laten vallen. Ook is bekend dat depressie en stress de nauwkeurigheid van ‘brontoekenning’ negatief beïnvloeden.

‘Het geheugen werkt niet als een videocamera’, zegt eerste auteur Micheal Greenstein in een interview op Psypost twee weken geleden. ‘Dat inzicht is tientallen jaren oud, maar onderzoeken als deze laten keer op keer zien dat de gemiddelde persoon dit niet beseft.’ Wat zijn studie aan deze kennis toevoegt, stelt de assistent professor aan de Framingham State University, is dat ‘boosheid niet simpelweg je geheugen verslechtert. In plaats daarvan maakt het mensen vatbaarder voor het type geheugenfouten dat ze toch al maken.’

Wat heet boos

Overigens is ‘boos’ in deze experimentele setting een relatief begrip. De ‘neutrale’ en de ‘boze’ helft van de groep keken allebei naar een lange scène uit de film Defending Your Life, met Meryl Streep. De neutrale groep werd daarbij professioneel en correct bejegend, de andere helft kreeg te maken met een ongeorganiseerde, afwijzende, zelfs beledigende onderzoeker. Die zijn paperassen kwijt was, vage instructies gaf, onnodig werk veroorzaakte en de deelnemers interrumpeerde.

Daarna volgde een korte quiz die stukjes misinformatie bevatte. Bijvoorbeeld de vraag: ‘Waarop zitten Daniel en Julia tijdens hun conversatie als Julia haar tas laat vallen?’ Terwijl Julia haar tas nooit had laten vallen. Na de quiz schreven de groepen een persoonlijke herinnering. De boze groep over een ervaring in hun leven die hun boos had gemaakt, de neutrale groep over een museumbezoek. Tot slot volgde de test waar het om te doen was.

Wat Micheal Greenwich betreft is boosheid niet goed of slecht, maar een interessante gemoedstoestand om op geheugenniveau te bestuderen. ‘Dit is slechts een voorlopige studie. Het stelt vast wat boosheid met het geheugen doet, maar niet hoe dat gebeurt. De mechanismes ontdekken van het hoe – en uiteindelijk het waarom – is een belangrijke volgende stap.

Harmonische gelijkgestemdheid

Wellicht komt functionele NIRS (near-infrared spectroscopy) daar nog bij van pas. De technologie waarmee een Amerikaans/Brits onderzoeksteam de hersenactiviteit van converserende proefpersonen in beeld bracht en daar recent verslag van deed in Frontiers in Human Neuroscience.

Waren de twee gesprekspartners het met elkaar eens dan vertoonde hun hersenactiviteit een harmonieus beeld. Deze neigde zich te concentreren op de sensorische delen van het brein, zoals het gebied dat de visuele informatie verwerkt. Waarschijnlijk als reactie op emotionele signalen van de gesprekspartner, vermoedt hoofdauteur Joy Hirsch, die professor psychologie en neurowetenschap is aan de Yale school of Medicine.

Dissonante onenigheid

‘Ons brein is één groot netwerk dat sociale processen verwerkt’, zegt Hirsch op de website van de universiteit. ‘Het kost echter een stuk meer hersencapaciteit om het met elkaar oneens te zijn.’ Bij een verschil van mening werden de sensorische gebieden veel minder aangesproken en verplaatste de activiteit zich naar de frontale cortex, waar zich de meer cognitieve processen afspelen.

‘Er is synchronie tussen de hersenen als we het eens zijn. Maar als we het oneens zijn raakt dit neurale contact verbroken.’ Hirsch gebruikt de metafoor van een orkest. In een twist gebruiken hersenen veel verschillende emotionele en cognitieve instrumenten ‘als een symfonieorkest dat verschillende muziek speelt’. Zijn we het eens dan speelt de frontale cortex een toontje lager ‘en is er meer sociale interactie tussen de hersenen van de gesprekspartners; vergelijkbaar met een muzikaal duet.’

Voor de studie selecteerden onderzoekers van Yale en het Imperial College London 38 volwassen proefpersonen en vroegen naar hun mening over stellingen als ‘huwelijken tussen hetzelfde geslacht zijn een mensenrecht’ of ‘marihuana zou legaal moeten zijn’. Afhankelijk van hun standpunten werden de proefpersonen aan een gesprekpartner gepaard en hun hersenactiviteit in beeld gebracht.

Politieke polarisatie

Begrijpen hoe de hersenen functioneren bij begrip en onbegrip, stelt Hirsch, is in het bijzonder van belang in een gepolariseerd politiek klimaat. Het feit dat het onderzoek geleid werd door een data-analist van de internetreus Airbnb, herinnert er aan dat dieper inzicht in de werking van ons brein ook voor het bedrijfsleven van belang is.

De studie is deels gefinancierd door de National Institute of Mental Health en de auteurs verklaren dat het onderzoek is uitgevoerd zonder ‘commerciële of financiële belangen die als potentiële belangenconflict kunnen worden uitgelegd’.

“Tea Sketch 1 – Angry People” by pigpogm is licensed under CC BY-NC-SA 2.0

0

MMV selecteert wekelijks het nieuws over voeding, kanker en gezondheid. Schrijf je hier in voor onze gratis nieuwsbrief.

<< Terug