Matig met zout, klinkt steevast het advies. Bij kanker is dat ook van belang. De voornaamste reden voor dit advies is dat er bij kanker vaak sprake is van een verhoogde zoutgevoeligheid. Een toestand waarin het lichaam het zout – natriumchloride – niet gemakkelijk kwijt kan. Hoe is dat verklaarbaar?
‘Dokter Cornelis Moerman zei: ‘Niet meer zout per dag te nemen dan tussen je duim en je wijsvinger past.’ De artsen voor Integrale Oncologie / Niet Toxische Tumor Therapie – die de voedingsleer van Moerman verder ontwikkelden – hanteren die regel nog steeds.
Zoutbeperking ondersteunt de metabole rust, de microvasculaire doorstroming en het zelfherstellend vermogen van het lichaam, legt Roland Lugten, arts voor Niet Toxische Tumor Therapie/Integrale Oncologie uit. ‘Omdat tumoren vaak al een verstoorde natriumbalans en verhoogde inflammatie vertonen, is het verstandig om zoutinname te beperken. Een zout-rijke micro-tumor-omgeving duwt het lichaam naar ongunstige omstandigheden: meer ontsteking, meer stress, stijvere bloedvaten en een verminderde werking van het immuunsysteem.’ In onze voeding zit voldoende natrium, benadrukt Lugten. ‘Extra zout is overbodig.’
Frits Muskiet, klinisch chemicus vult aan: ‘Kanker gaat in het lichaam vaak samen met insulineresistentie. Het lichaam raakt natrium dan niet gemakkelijk kwijt. Er ontstaat ‘zoutgevoeligheid’ en het vasthouden van dat zout leidt dan vaak tot een verhoogde bloeddruk.’
Belangrijk is de verhouding natrium-kalium
Zout (ook wel: natriumchloride) is net als de zouten van kalium, calcium en magnesium met chloride en bicarbonaat, een onmisbare stof voor het lichamelijk functioneren. Natrium is noodzakelijk voor de optimale vochtbalans in het lichaam, een gezonde bloeddruk en voor de werking van de spier- en zenuwcellen. Belangrijk is dat de natriuminname in verhouding is met de kaliuminname, aldus Muskiet. ‘Een teveel aan natrium kan de balans met de andere mineralen die we via ons voedsel binnenkrijgen, verstoren.’
Hij benadert het zoutvraagstuk vanuit de geschiedenis van de mens. Ons lichaam is genetisch aangepast op de inname van veel kalium – dat rijkelijk in alle cellen van alle planten en dieren zit – en kleinere hoeveelheden natrium. ‘Toen het leven vanuit de natrium-rijke zee het natrium-arme land opkroop, werd natrium een probleem en ontstond een genetische aanpassing die ons kampioenen maakt in het vasthouden van natrium’, aldus Muskiet.
Hij doelt op het renine-angiotensine-aldosteronsysteem (RAAS). ‘Dit zorgt ervoor dat in de nieren natrium wordt vastgehouden en kalium wordt uitgescheiden. Dit voorkomt uitdroging. Dit systeem hielp ons overleven op dat natrium- en water-arme land.’ Bij een hoge zoutinname werkt dit systeem niet. ‘Wat dan overigens ook niet werkt zijn de zogenaamde ACE-remmers die dokters vaak voorschrijven voor een te hoge bloeddruk.’
Een teveel aan natrium raken gezonde nieren zo weer kwijt
Ons lichaam is dus voorgeprogrammeerd op het vasthouden van natrium en het uitscheiden van kalium, vat Muskiet samen. ‘Al sinds de prehistorie verzamelden mensen het opgedroogde kristallijne zout uit zeewater. Dat was nooit een probleem, want een teveel aan natrium raken gezonde nieren in mum van tijd weer kwijt. Het wordt pas een probleem als we minder kalium gaan eten, dik worden en daarmee zoutgevoelig worden. Je houdt dan teveel natrium vast. Dat zie je aan de bloeddruk, die gaat fors omhoog’, aldus Muskiet.
‘Bij een ongezond voedingspatroon bouwen we al snel een overschot aan natrium op. In de huidige maatschappij komt dat eerder door een te lage inname van kalium dan uit een te hoge inname van natrium.’
Vanaf het moment dat zout werd ingezet als conserveermiddel – meer dan 2.700 jaar geleden – nam onze inname van zout toe. Met de intrede van de koelkast en de diepvries rond 1870 verminderde het zoutgebruik, tot de dag dat de voedingsmiddelenindustrie het als smaakversterker ontdekte. De meeste mensen eten veel te veel zout. De norm is vastgesteld op 6 gram zout per dag. Maar de gemiddelde Nederlandse vrouw eet 7,5 gram zout per dag, en mannen 9,9 gram. Bijna tachtig procent van dat zout komt uit industrieel bewerkt voedsel: kant-en-klaarmaaltijden, pizza’s, soepen, sauzen en snacks. Ook hulpstoffen zoals bakpoeder, conserveermiddelen, stabilisatoren en smaakmakers (zoals E621, ve-tsin) bevatten vaak natrium.
Stoppen met het eten van die producten is de grootste winst, zegt arts Roland Lugten. ‘Het weglaten van bewerkte producten verbetert automatisch de metabole en inflammatoire balans.’ Wie kiest voor verse, onbewerkte voeding volgens de richtlijnen van MMV werkt aan balans in de mineralenhuishouding. Er is geen fysiologische noodzaak voor extra zout bovenop natuurlijke voeding, benadrukt Lugten. ‘De natriumbehoefte van cellen wordt ruim gedekt door onbewerkte voeding.
Foto: Freepik
MMV maakt wekelijks een selectie uit het nieuws over voeding en leefstijl in relatie tot kanker en andere medische condities.
Inschrijven nieuwsbrief
